Toen Philippe Halsman in 1940 voor de nazi’s uit Parijs vluchtte, kon hij weinig meenemen. Zijn camera en twaalf afdrukken vormden vrijwel alles wat hij van zijn werk wist te redden. Het grootste deel van zijn vroege fotografische oeuvre bleef achter in een stad die hij noodgedwongen moest verlaten.
Na de oorlog werd een kist met glazen negatieven naar hem teruggestuurd. De opnamen verdwenen vervolgens uit beeld en bleven tientallen jaren onaangeroerd. Pas veel later werd de kist teruggevonden door Halsmans kleinzoon Oliver Halsman Rosenberg. Een selectie uit dit onbekende archief verschijnt nu in Philippe Halsman: The French Crate – The Unseen Paris Archive.

Een fotograaf vindt zijn vorm
Philippe Halsman werd in 1906 geboren in Riga en vestigde zich aan het begin van de jaren dertig in Parijs. In 1931 brak hij zijn technische studie af om zich volledig aan de fotografie te wijden. Hij fotografeerde vrienden en mensen uit de Parijse kunstwereld, terwijl hij tegelijkertijd zocht naar een eigen vorm van portretfotografie.
De populaire portretten uit die periode waren vaak zacht en geïdealiseerd. Halsman koos voor een directere benadering. Hij wilde niet alleen laten zien hoe iemand eruitzag, maar ook iets zichtbaar maken van diens karakter. Daarbij werd hij mede geïnspireerd door de psychologische diepgang in de romans van Fjodor Dostojevski.
De glasnegatieven uit de teruggevonden kist stammen uit deze vroege Parijse periode. Ze tonen een fotograaf die nog niet wereldberoemd is, maar bij wie de belangstelling voor gezichten, houdingen en persoonlijkheid al duidelijk aanwezig is.
Zestig onbekende glasnegatieven
Centraal in het boek staan zestig zorgvuldig bewaard gebleven glasnegatieven uit de jaren dertig. Op de beelden zijn vrienden, kunstenaars en andere mensen uit Halsmans omgeving te zien. Sommige foto’s ogen bedachtzaam en geconcentreerd, andere laten ruimte voor de speelsheid die later zo kenmerkend voor hem zou worden.
Juist omdat de opnamen niet tot Halsmans bekende oeuvre behoren, bieden ze een andere blik op zijn ontwikkeling. Het zijn geen foto’s die achteraf als hoogtepunten van een lange carrière werden geselecteerd. Ze ontstonden aan het begin daarvan, toen Halsman zijn fotografische taal nog aan het vormen was.
Ook het materiaal zelf speelt een rol. Glasnegatieven zijn kwetsbaar, zwaar en lastig te bewaren. Dat de platen een vlucht, een oorlog en tientallen jaren opslag hebben doorstaan, maakt hun terugkeer bijzonder. Het boek onderstreept daarmee ook het belang van fotografische archieven. Daarin kunnen beelden verborgen liggen die een bekend oeuvre plotseling van een nieuwe voorgeschiedenis voorzien.
In totaal bevat The French Crate 126 afbeeldingen, waarvan 101 in zwart-wit en 25 in kleur. Naast de teruggevonden foto’s biedt het boek context bij Halsmans Parijse jaren en zijn latere leven.
Van Parijs naar New York
Halsmans leven veranderde ingrijpend toen Duitse troepen in 1940 Parijs naderden. Dankzij tussenkomst van Albert Einstein wist hij naar de Verenigde Staten te ontkomen. In New York begon hij opnieuw en groeide hij uit tot een van de belangrijkste portretfotografen van de twintigste eeuw.
Hij fotografeerde beroemdheden als Marilyn Monroe en Einstein en maakte uiteindelijk 101 covers voor het tijdschrift LIFE, een record. Met Salvador Dalí werkte hij 37 jaar lang samen. Uit die samenwerking ontstonden enkele van de bekendste en meest speelse portretten uit de fotogeschiedenis.
Een daarvan is Dalí Atomicus uit 1948, waarvoor Dalí, meubels, katten en emmers water door de studio vlogen. Het kostte 27 pogingen voordat alle onderdelen op het juiste moment samenkwamen. Over de totstandkoming van deze foto lees je meer in Jumpende Dalí.
Dat latere werk is technisch geraffineerd en vaak zorgvuldig geënsceneerd. De Parijse glasnegatieven laten zien waar Halsmans aandacht voor gezichtsuitdrukkingen en menselijke psychologie begon. Daardoor vormt The French Crate geen losstaand curiosum, maar een ontbrekend hoofdstuk in zijn ontwikkeling.
Een familiearchief opnieuw geopend
De herontdekking van de glasplaten is te danken aan Oliver Halsman Rosenberg, kleinzoon van de fotograaf en mede-beheerder van zijn nalatenschap. Hij stelde het boek samen en voorzag de beelden van de context die nodig is om hun plaats binnen het oeuvre te begrijpen.
The French Crate is daarmee geen traditionele overzichtsmonografie met uitsluitend beroemde foto’s. Het boek draait juist om het onverwachte voortbestaan van werk dat verloren leek. We ontmoeten Halsman vóór zijn Amerikaanse succes, vóór de covers van LIFE en vóór zijn beroemde samenwerking met Dalí.
De beelden laten zien dat de grondslag van zijn latere portretfotografie al in Parijs werd gelegd. Halsman zocht er naar het moment waarop een gezicht meer prijsgeeft dan alleen een herkenbare gelijkenis. Bijna een eeuw later komen die eerste zoektochten opnieuw aan het licht.
Philippe Halsman: The French Crate – The Unseen Paris Archive – Oliver Halsman Rosenberg
Pagina’s: 168
Afbeeldingen: 126, waarvan 101 in zwart-wit en 25 in kleur
Uitvoering: hardcover
Formaat: 21,5 × 27,5 cm
Taal: Engels
Prijs: € 40,95
Uitgever: Thames & Hudson
Verwacht bij bol: 22 oktober 2026
ISBN: 9780500030462




