foto: © Bas Meelker - Ochtendmist tijdens de zonsopkomst boven de vallei - Toscane, Italie - GFX100S || - GF500mmF5.6 R LM OIS WR -1/500 sec at f / 8,0-ISO 80
Als landschapsfotograaf ben ik altijd op zoek naar de beste balans tussen beeldkwaliteit, gebruiksgemak en de vrijheid om een landschap op mijn eigen manier vast te leggen. Na ruim twintig jaar met een ander cameramerk te hebben gefotografeerd, maakte ik de overstap naar het Fujifilm GFX-systeem. Een verandering die misschien groot klinkt, maar in de praktijk verrassend soepel verliep.
De manier van werken voelde al snel vertrouwd en inmiddels is het GFX-systeem veel meer geworden dan alleen een camerasysteem. Het is een belangrijk onderdeel van de manier waarop ik naar landschappen kijk en mijn beelden maak.
Mijn overstap naar middenformaat kwam vooral voort uit nieuwsgierigheid. Wat zou een grotere sensor daadwerkelijk toevoegen aan mijn fotografie?

Op papier zijn de voordelen duidelijk: hoge resolutie, veel detail en een groot dynamisch bereik. Maar uiteindelijk gaat het mij niet om specificaties. Het gaat om wat je met die techniek kunt doen wanneer je midden in een landschap staat.
En juist daar heeft het GFX-systeem mij positief verrast.
Detail en beeldkwaliteit
Een van de eigenschappen die mij het meest aanspreekt, is de hoeveelheid detail die een GFX-bestand bevat. Landschappen lenen zich daar natuurlijk uitstekend voor. In een beeld kunnen zowel kleine details op de voorgrond als subtiele structuren in de verte belangrijk zijn voor het verhaal.
Met de Fujifilm GFX100S II beschik ik over een enorme hoeveelheid informatie in mijn RAW-bestanden. Dat merk je niet alleen wanneer je een foto op groot formaat afdrukt, maar ook tijdens het nabewerken. Ik kan een uitsnede maken zonder dat het beeld meteen zijn kwaliteit verliest. Dat geeft mij extra vrijheid.

Ook de verschillende beeldverhoudingen waarin je kunt fotograferen vind ik erg waardevol. Een beeldverhouding is voor mij namelijk niet alleen een technische instelling, maar een onderdeel van de compositie. Naast het klassieke 4:3-formaat werk ik graag met bredere verhoudingen wanneer een landschap daarom vraagt.
De 65:24-verhouding vind ik daarbij bijzonder interessant. Het mooie is dat je met de GFX100S II in deze extreem brede beeldverhouding nog steeds ongeveer 50 megapixel overhoudt. Dat is enorm veel resolutie voor een panoramisch beeld. Je kiest dus niet simpelweg voor een flinke crop, maar kunt bewust een andere manier kiezen om een landschap te vertellen.
Een brede horizon, lange kustlijn of minimalistisch landschap kan in 65:24 ineens veel sterker worden. Het beeld krijgt letterlijk meer ademruimte.
De kracht van kleur en nuance
Een aspect van middenformaat dat voor mij misschien nog wel belangrijker is dan de enorme resolutie, is de manier waarop het systeem kleur en tonaliteit weergeeft.

Bij landschapsfotografie werken we vaak met heel subtiele verschillen. Denk aan verschillende tinten groen in een bos, de overgang van warm geel naar oranje tijdens een zonsondergang of de bijna onmerkbare overgang van blauw naar paars in een avondlucht.
Juist in die nuances ervaar ik een duidelijk verschil.
Het gaat daarbij niet alleen om hoeveel kleuren een camera kan registreren, maar vooral om hoe mooi de overgangen tussen die kleuren verlopen. De overgang van licht naar donker, van de ene kleur naar de andere en van scherpte naar zachtere partijen voelt heel natuurlijk aan.
Die prachtige drop-off tussen kleuren en contrasten is iets wat ik in mijn GFX-bestanden enorm waardeer. Er zit een soort verfijning in de overgangen, zonder dat het beeld daardoor zijn scherpte en helderheid verliest.

Dat is moeilijk in technische cijfers te vangen. Je kunt praten over pixels, dynamisch bereik en kleurdiepte, maar uiteindelijk zie je het vooral wanneer je naar een foto kijkt. Voor mij zit de kracht van middenformaat juist in die combinatie: ongelooflijk veel detail én subtiele, vloeiende overgangen.
Dynamisch bereik
Landschapsfotografie betekent vaak werken met grote contrasten. Denk aan een zonsopkomst waarbij de lucht veel lichter is dan de voorgrond, of een landschap met fel zonlicht en diepe schaduwen.
Het grote dynamische bereik van de GFX-sensor geeft mij veel ruimte om daarmee om te gaan. Natuurlijk gebruik ik nog steeds filters. Een goed geplaatst grijsverloopfilter zorgt ervoor dat je tijdens het fotograferen al een optimale basis creëert. Maar het geeft ook vertrouwen om te weten dat er in een RAW-bestand veel informatie aanwezig is.
Juist bij het nabewerken is dat prettig. Wanneer je een schaduwpartij iets opent of een hooglicht terughaalt, blijven de subtiele kleurverschillen en overgangen mooi overeind.

Rustiger fotograferen
Misschien wel het grootste verschil zit echter niet in de techniek, maar in mijn manier van fotograferen.
Een GFX-camera past goed bij mijn manier van werken. Ik ben niet iemand die honderden foto's van hetzelfde landschap maakt. Ik zoek naar die ene compositie waarin alles samenkomt: het licht, de wolken, de voorgrond, de lijnen en de sfeer.
Dat wachten is misschien wel een van de mooiste aspecten van landschapsfotografie.
Ik neem de tijd om mijn statief neer te zetten, mijn compositie zorgvuldig te bepalen en vervolgens te wachten tot het licht precies doet wat ik hoop.
Dat wachten is misschien wel een van de mooiste aspecten van landschapsfotografie. Een camera kan je helpen om een technisch goed beeld te maken, maar hij bepaalt natuurlijk niet wanneer het licht mooi wordt. Daarvoor moet je als fotograaf vooral leren kijken.

Meer dan alleen techniek
Mijn ervaring met het Fujifilm GFX-systeem heeft me vooral geleerd dat een camera meer kan zijn dan een technisch hulpmiddel. De eigenschappen van een systeem kunnen ook invloed hebben op de manier waarop je fotografeert.
Voor mij draait landschapsfotografie om kijken, wachten en keuzes maken. Het GFX-systeem geeft mij de technische mogelijkheden om die visie zo goed mogelijk vast te leggen: met enorme resolutie, veel detail, een groot dynamisch bereik en vooral prachtige nuances in kleur en contrast.
Maar uiteindelijk blijft de camera natuurlijk slechts het gereedschap. Het mooiste landschap wordt niet automatisch een goede foto omdat je met een middenformaatcamera fotografeert.
Het blijft gaan om het licht. Om de compositie. Om het moment. En vooral om de manier waarop je als fotograaf naar een landschap kijkt.

Voor mij is het Fujifilm GFX-systeem inmiddels een vanzelfsprekend onderdeel van dat proces geworden. Niet omdat het per definitie de beste camera is, maar omdat het systeem uitstekend aansluit bij de manier waarop ik landschappen wil fotograferen: rustig, bewust en met zoveel mogelijk aandacht voor de details, kleuren en nuances die een beeld uiteindelijk zijn karakter geven.





