Thank you! Your submission has been received!

Oops! Something went wrong while submitting the form :(

Close up

Het middenformaat groeit

Leica, Hasselblad, Mamiya, PhaseOne, Leaf

Professionele camerasystemen met grote sensors worden populairder. Ook in deze marktsector is er veel vernieuwing. De aandacht ervoor neemt toe.

PhaseOne

Van oudsher spreek je hier van het middenformaat: grote camera’s met een beeldformaat van maximaal 56 mm breed. De term ‘midden’ geeft aan dat er ook nog grootformaat is, en dat klopt. Het kenmerkt zich door nog grotere opnameformaten, meestal bediend met de technische camera, waaraan alles verstelbaar is wat je ook maar zou willen. Daar kunnen grote vlakfilms in worden belicht.

Equivalente sensorformaten zijn er niet, wel scanachterwanden waarin een lijnsensor het beeld aftast als een vlakbedscanner. Het werkt alleen met stationaire objecten. Maar meestal worden er op zo’n technische camera digitale achterwanden voor het middenformaat geplaatst. Je hebt dan ruim voldoende pixels, korte belichtingstijden plús de veelzijdige verstelmogelijkheden van de technische camera.

Locatie en studio

Is de technische camera niet voor gebruik uit de hand bestemd, bij de middenformaatcamera kan dat in principe wel, al zul je omwille van maximale scherpte een statief gebruiken waar het maar enigszins kan. Middenformaatcamera’s mogen dan relatief groot en zwaar zijn, ze zijn goed mee te nemen en op locatie te gebruiken. Er is redelijk snel mee te werken, al zijn 35 mm en APS-C reflexcamera’s veel sneller, zowel in beeldtransport als in scherpstelling.

En er is nog een tweede aspect waarmee
het beeld van een middenformaatcamera je begeerte opwekt

Maar ook voor studiowerk lenen ze zich goed, waarbij de modellen met een verwisselbare zoeker dan een streepje voor hebben. Voor veel studio-opnamen is het namelijk fijn als je van boven in de camera kunt kijken.

Diverse middenformaatsystemen kennen het bouwdoospricipe, zoals hier Leaf/Rollei: verwisselbare objectieven, verwisselbare achterwanden en verwisselbare zoekers. Links de lichtkapzoeker, in het midden de ooghoogte-prismazoeker en rechts de pismazoeker met schuine inkijk.

Verkocht

Om technische redenen is er bij een reflexcamera nu eenmaal een zeker verband tussen zoekergrootte en sensorformaat. Het eerste wat je bij een middenformaat dan ook altijd opvalt is het weldadig grote, gedetailleerde zoekerbeeld, welk merk/type je ook in handen hebt.

En er is nog een tweede aspect waarmee het beeld van een middenformaatcamera je begeerte opwekt: de zeer selectieve scherpte. Een eenvoudige wetmatigheid bepaalt dat de scherptediepte afneemt naarmate je opnameformaat groter is. Beter dan met een middenformaatzoeker kan dat principe je niet ingewreven worden. Kijk erdoor en je bent besmet. Dit is beeld wat je wilt maken.

Natuurlijk ben je voor middenformaat flink wat meer geld kwijt dan zelfs voor fullframe 35 mm. Middenformaat is een onderscheidende factor die je als fotograaf moet kunnen terugverdienen. Zo simpel is het. Of zo moeilijk.

De Leica S2 (volgend jaar komt hij op de markt) zal de aandacht voor het middenformaat vergroten. Leica zal het accent leggen op de hoge optische kwaliteit, plus de gebruikseenvoud van een gewone reflex.

Hasselblad

Hasselblad heeft enkele jaren geleden drastisch een grote ommezwaai naar digitaal gemaakt, met het H-systeem. Waarin overigens ook een camera opgenomen is voor fotografen die op film willen werken, de H2F.

Voor digitaal heeft Hasselblad de serie H3 camera’s, waaraan onlangs het topmodel H3DII-50 werd toegevoegd, met een Kodak beeldsensor met 50 miljoen pixels. Beeldformaat is 36 x 48 mm dus 2x 35mm fullframe. ISO-bereik loopt van 50 tot 400, op te voeren tot maximaal 800. Alles binnen dit systeem is afgestemd op maximale resolutie en detaillering, plus een groot dynamisch bereik.

Hasselblad-H3DIII

Het objectievensysteem heeft brandpuntsafstanden van 28 tot 300 mm. De cropfactor (als we die voor het gemak even blijven hanteren) is circa 0,7x. De 28 mm is dus een supergroothoek, vergelijkbaar met ca. 20 mm op 35 mm fullframe en ca. 13 mm op een APS-C reflex. 300 mm werkt als 210 mm respectievelijk 140 mm.

Voor wie met minder pixels toe kan heeft Hasselblad de H3SII-39 en H3DII-31, met 39 respectievelijk 31 miljoen pixels. Van de 39 is er ook nog de MS-uitvoering. De toevoeging staat voor multishot: de camera maakt voor elke foto vier deelopnamen, die later worden gecombineerd.

Tussen de opnamen door wordt de sensor steeds één pixelpositie verschoven: 1e opname normaal, 2e opname 1 pixel omhoog, 2e opname 1 pixes naar rechts, 4e opname 1 pixel naar links. Zo wordt van elke pixelpostitie complete kleurinformatie verkregen. Het resultaat: maximale detaillering, geen moiré (patrooneffecten). Vanzelfsprekend werkt dit alleen met niet bewegende objecten en een rotsvast opgestelde camera en een studio die vrij is van trillingen.

Belangrijk voor studiofotografie is de tilt/shiftadapter HTS 1.5 met de vier speciaal voor deze adapter bestemde objectieven, waarmee de Hasselblads over verstelmogelijkheden beschikken die voor de meeste vormen van studio- en technische fotografie voldoen.

Voor extra verstelmogelijkheden kan de digitale achterwand van de H3 camera ook op een technische camera worden geplaatst. Bijzonder is dat alle verstellingen digitaal worden teruggekoppeld met de besturingssoftware in de computer, waardoor de verstellingen snel, doelgericht en zonder uitgebreide training kunnen worden uitgevoerd.

Mamiya

Mamiya is altijd het betaalbaarder alternatief in middenformaatland geweest. De 6x4,5 camera’s werden beschouwd als de next step na kleinbeeld: wel iets groter en zwaarder dan kleinbeeld, iets duurder, maar ook de volle winst van een veel groter formaat. En met goed scorende objectieven, geheel in eigen huis ontwikkeld, knap. Diezelfde selling points gaan nog steeds op voor de digitale lijn van Mamiya.

De Mamiya’s ZD digitale reflex is opgezet volgens de layout van de 35 mm reflex, alleen flink groter, maar wel met een vergelijkbaar gebruiksgemak voor het fotograferen op ooghoogte. Een beetje als de Leica S2, die nu het podium voor zich opeist. Minder mooi, minder design, maar wel hetzelfde gebruiksconcept. Opnieuw het betaalbaarder alternatief (bodyprijs € 9995,-). Ook hier een beeldchip van 36 x 48 mm, ISO 50-400, 1,2 beelden per seconde, en een objectievenpalet van 28-300 mm.

Het beeldopnamesysteem van de ZD camera is ook leverbaar in een digitale achterwand, de ZD back. Die is bestemd voor Mamiya’s 645 AFD III systeemreflexcamera met verwisselbare achterwand (film/digitaal). De nieuwste versie daarvan, aangekondigd op de Photokina, heeft een verdubbelde bufferruimte, waardoor er 22 beelden achtereen kunnen worden opgenomen. Verder is de achterwand nu compatibel met SDHC kaarten. Je kunt nu de volgende geheugenkaarten gebruiken; SD, SDHC, CF I/II.

Op de Photokina lanceerde Mamiya een nieuw 80 mm objectief, dat is voorzien van een centraalsluiter, waardoor alle sluitertijden (t/m 1/800 s) voor flitslicht zijn gesynchroniseerd. Dat is uitermate belangrijk voor invulfitsen van actie-opnamen bij gemengd licht. 35 mm DSLR’s hebben weliswaar hun FP-flitsmogelijkheid voor flitsen bij alle sluitertijden, maar die verlaagt de lichtopbrengst van de flitser enorm. Met dit centraalsluiteroptiek behoud je je volle flitspower.

Het is een echte smeltkroes, die digitale middenformaatwereld.
Iedereen doet het met iedereen.

PhaseOne

Achterwandenfabrikant PhaseOne brengt Mamiya’s 645 AFD III onder eigen naam als platform voor zijn achterwandenreeks. De nieuwste, de P65, levert 65 miljoen pixels op het extra grote 40 x 54 mm formaat (fullframe middenformaat, zou je haast mogen zeggen), met een ISO-bereik van 50-800.

PhaseOne P45plus

Ook is het mogelijk op een kwart van deze resolutie tot ISO 1600 te gaan. PhaseOne brengt ook objectieven onder eigen naam uit, vooralsnog afkomstig van Mamiya. Ook lanceren ze nu een 45 mm tilt/shift-objectief, naar extra hoge specificaties vervaardigd door de Oekraïense fabrikant Hartblei, die overigens weer samenwerkt met Carl Zeiss.

Leica meldde bij de introductie van de S2 samen te werken met PhaseOne. Het zou dan gaan om de besturingelektronica. Daar is wel wat van terug te vinden. Want de vier knoppen op de PhaseOne achterwanden vind je ook achterop de Leica terug.

Frappant detail is dat Leica echter een Kodak beeldsensor gebruikt. Het is een echte smeltkroes, die digitale middenformaatwereld. Iedereen doet het met iedereen en het is te hopen dat daar veel moois uit voortkomt.

Leaf

Derde platform in het middenformaat wordt gevormd door Leaf/Rollei. Achterwandenmaker Leaf/Scitex gebruikt de Duitse Rollei Hy6 als platform. Op de nieuwste Leaf AF-i-II middenformaatreflex passen de Rollei objectieven uit het geavanceerde 6000 systeem.

Voor de objectieven werkt men hoofdzakelijk samen met het Duitse Schneider; er is één Carl Zeiss optiek, de beroemde Planar 2,0/110 mm. Leaf biedt drie achterwanden, met een ander opnameformaat/resolutie: 56 MP (56 x 36 mm), 33 MP (48 x 36 mm) en 28 MP (44 x 33 mm).

Bijzonder is dat de beeldsensor roteerbaar is van liggend naar staand formaat; de camera kan gewoon in positie blijven. Handig is ook het uitklapbare lcd-scherm op de achterwand, zodat je net als bij het gebruik van de zoekerschacht van bovenaf kunt kijken.

En Pentax?

Pentax was in het 6x4,5 cm formaat altijd een van de concurrenten van Mamiya. Met de Pentax 645, een goed hanteerbare reflex met vast prisma, en met functies en gebruiksmogelijkheden die het dichtst bij de kleinbeeldreflex kwamen.

Toen Mamiya met z’n digitale reflex kwam, werd er met spanning uitgekeken naar het antwoord van Pentax. Dat bleef uit, al werd er al lang niet meer ontkend dat eraan werd gewerkt.

Navraag op de Photokina leerde dat het project nog steeds net van de baan is, zeker gezien de stijgende aandacht voor middenformaat digitaal. Als je de Pentax K20D beschouwt, zie je veel moois dat je op zo’n camera zou willen tegenkomen.

L. Polder
| 11-10-2008
Kerst trends 2016