Thank you! Your submission has been received!

Oops! Something went wrong while submitting the form :(

Natuurfotografie

Landschapsfotografie - deel 1

Inleiding

Dit is het eerste deel van een serie artikelen over landschapsfotografie. In dit artikel wordt aandacht besteed aan licht en compositie. Het tweede deel zal vooral gaan over techniek en apparatuur. In het derde en laatste deel van deze serie zal de theorie uit de eerste 2 delen in praktijk worden gebracht.

Licht, licht en licht……………

Licht is het allerbelangrijkste element in landschapsfotografie. Zonder licht kan je natuurlijk niet fotograferen. Fotograferen betekent immers letterlijk schrijven met licht. Licht kan echter veel verschillende kwaliteiten hebben. Belangrijke elementen van de lichtkwaliteit zijn intensiteit, contrast en kleurwarmte.

foto: Hillebrand Breuker
Wierum ná zonsondergang, Canon 20D, EF70-200 F/4L @ F13 en 0,4 seconde belicht

Het licht voor zonsopkomst en zonsondergang verdient speciale aandacht. De zon is dan niet te zien, maar de eerste zonnestralen reiken wel tot over de horizon. Er kunnen dan prachtige kleuren ontstaan. Een plezierig bijeffect is dat er in deze situatie niet of nauwelijks schaduwen in het landschap te zien zijn.

’s Ochtends en ’s avonds is het licht warmer en zachter dan overdag. Dat komt door de stand van de zon. Bij zonsopkomst en zonsondergang staat de zon laag boven de horizon en laat haar stralen parallel aan de aarde schijnen. Door de laagstaande zon komen onderwerpen in de “spotlight” te staan. Er ontstaan lange schaduwen die bijdragen aan een 3D-effect. Ideaal licht om te fotograferen.

Het ligt misschien niet voor de hand, maar ook bij mistig of bewolkt weer kun je prima landschapsfoto’s maken. Wolken en mist filteren het directe zonlicht waardoor het contrast lager is. Er ontstaat diffuus, zacht licht zonder harde schaduwen. Zeker bij een mistige ochtend waar de zon nog net niet door de mist heen komt, kan een spannend beeld ontstaan.

foto: Hillebrand Breuker
Mist, Canon 5D, EF70-200 F/4L @ F8 en 1/60 seconde belicht

Een paar uur ná zonsopkomst tot een paar uur voor zonsondergang staat de zon hoog aan de hemel. Het licht is dan veel harder en dat leidt tot hoog contrast. Vaak is dit harde licht niet mooi om te fotograferen. Wat je dan kunt doen is zoeken naar plekken, waar het licht gefilterd wordt. Dit kan bijvoorbeeld onder het bladerdak van het bos zijn. Het midden van de dag is ook een prima periode om lekker rond te struinen en op zoek te gaan naar mooie plekken, die in ochtend- en avondlicht veelbelovend zijn en mooie composities kunnen opleveren.

foto: Hillebrand Breuker
Oude Riet in het Groninger Westerkwartier. Canon 5D, EF 17-40 F/4L @ F11 en 1/80 seconde belicht
Compositie, tips en trucs

Het maken van een foto begint met kijken. Dit lijkt een open deur, maar dat is het zeker niet. Het verschil tussen een ‘kiekje’ en een ‘goede foto’ zit in de compositie van de opname. Voor het maken van een goede compositie bestaan geen vaste regels, maar er zijn wel een aantal handvatten die je kunnen helpen om tot een aantrekkelijk beeld te komen. Je kunt hierbij denken aan de invoerende lijn, standpunt, vlakverdeling, de regel van derden en voorgrond- en achtgrondelementen.

Om diepte in een foto te creëren kun je gebruik maken van de lijnen die in het landschap aanwezig zijn. De sloot in de foto van de Oude Riet begint linksonder in het beeld en leidt het oog naar de horizon. We noemen dit een invoerende lijn.

Door een laag standpunt te kiezen versterk je deze lijn. Het Fluitekruid is een mooi voorgrond element dat de aandacht trekt. Door de stengels van het fluitekruid, die boven de horizon uitsteken precies voor de bomengroep op de achtergrond te plaatsen, wordt weer diepte gecreëerd en ontstaat er geen “competitie” met de losstaande bomen op de horizon.

foto: Hillebrand Breuker
Kale Duinen bij Appelscha. Canon 5D, EF 24-105 F/4L @F11 en 1/80 seconde belicht

De regel van derden is een gevleugeld begrip. Om deze regel uit te leggen zijn in de foto van de Kale Duinen vier lijnen getekend, die de foto zowel horizontaal als vertikaal in drieën verdelen. Zo ontstaan er 9 vlakken en 4 kruispunten. Deze vlakverdeling kunnen we gebruiken als uitgangspunt om een compositie te maken.

Door het onderwerp om en nabij één van de kruispunten te positioneren, krijg je vaak een interessanter beeld dan dat je het onderwerp pal in het midden plaatst. De horizontale lijnen kunnen gebruikt worden om de plaats van de horizon te bepalen, zodat deze ook uit het midden geplaatst is.

Dit is bijvoorbeeld goed te zien in de foto's “Mist” en “Wierum ná zonsondergang”. In het voorbeeld van de Kale Duinen is weer gebruik gemaakt van een voorgrond- en achtergrondelement om perspectief te creëren. De rimpels in het zand geven diepte aan de foto en hoogte aan het duin. Door de laagstaande zon ontstaan lange schaduwen die de rimpels accentueren.

Volgende keer

In deel 2 zal ik in gaan op techniek en apparatuur. Wat heb je allemaal nodig en hoe gebruik je die spullen?

Bekijk meer foto's van Hillebrand Breuker.

Hillebrand Breuker
| 23-02-2008
Kerst trends 2016